Energie
Alle energie die het lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren wordt geleverd door de stof ATP (adenine trifosfaat). Of we nu praten over het functioneren van het maagdarmkanaal, het zenuwstelsel of het spierstelsel, ATP is de leverancier voor de benodigde energie. Bij de afbraak van ATP ontstaat een grote hoeveelheid energie die het lichaam voor de verschillende functies zoals hierboven genoemd kan aanwenden. Het lichaam beschikt echter maar over een zeer kleine hoeveelheid ATP, goed voor ongeveer 3 seconden lichamelijke arbeid. Na deze tijd zal de hoeveelheid ATP moeten worden aangevuld. Welnu, dat gebeurd door de afbraak van creatinefosfaat en de zogenoemde macronutriënten: koolhydraten, vetten en eiwitten. Bij de afbraak van deze stoffen komt een hoeveelheid energie vrij die gebruikt kan worden om de ATP hoeveelheid van lichaam aan te vullen. De ATP kan vervolgens weer gebruikt worden voor het leveren van energie aan bijvoorbeeld de spieren. Met andere woorden: de afbraak van creatinefosfaat, koolhydraten, vetten en eiwitten levert indirecte energie omdat deze energie gebruikt wordt om ATP aan te vullen en niet direct gebruikt wordt voor spierarbeid.